10 dingen die je moet weten over de artiestenregeling van de Belastingdienst 

Door Tanno Witkamp

Lees meer nieuws

Iemand boekt je voor een optreden, je spreekt een tarief af en denkt klaar te zijn, totdat je opdrachtgever ineens over en gageverklaring begint en er loonheffing wordt ingehouden. Ben jij een optredend artiest en overkomt dit jou weleens? Dan heb je waarschijnlijk te maken met de artiestenregeling: regels die kunnen betekenen dat je opdrachtgever loonheffing moet inhouden op jouw gage. Wij doken voor jou in de handleiding artiestenregeling van de Belastingdienst. In dit artikel leggen we de basis uit, zodat je weet wat je moet aanleveren, verrassingen voorkomt, vertraging in het betaalproces beperkt en steviger het gesprek kunt voeren met je opdrachtgever.  

Goed om meteen te weten, is wie de Belastingdienst als artiest ziet, en wie ook niet. De Belastingdienst stelt: ‘Artiesten zijn personen die optreden voor publiek en daarbij een artistieke prestatie leveren. Het doet er niet toe of dat rechtstreeks voor een publiek is, of bijvoorbeeld via radio of televisie. Het maakt ook niet uit of een artiest beroepsmatig optreedt of als amateur en ook niet of hij alleen optreedt of in een gezelschap. Voorbeelden zijn conferenciers, leden van bands en orkesten, komieken, zangers, solomusici, acrobaten, goochelaars, buiksprekers, mimespelers, poppenspelers en acteurs. Ook een acteur die wordt ingehuurd om een rol te spelen in een praktijksimulatie voor een opleiding, is een artiest. 

Wie de Belastingdienst niet als artiest ziet, wordt ook genoemd in de handleiding van de Artiestenregeling (hoofdstuk 7). Daarover wordt gezegd: ‘Regisseurs, geluids-, opname- en belichtingstechnici, roadies en managers, maar ook bijvoorbeeld kleedsters en visagisten zijn geen artiesten. Voor hen geldt de artiesten- en beroepssportersregeling niet.’ 

Dus, treed jij op en lever je een artistieke presentatie? Dan kun je te maken krijgen met de artiestenregeling. Op basis van de handleiding van de Belastingdienst én met de hulp van hun medewerkers hebben we de belangrijkste ins- en outs voor jou op een rijtje gezet.   

 

1. Wat je merkt: inhouding en extra papierwerk 

Als de artiestenregeling van toepassing is, houdt je opdrachtgever loonheffingen in op je gage. Jij merkt dat aan je netto-uitbetaling en aan de extra stappen vooraf: opdrachtgevers willen gegevens en formulieren op orde hebben vóór de betaling. Let op: zie de artiestenregeling ook wel als een vangnet voor als er niks anders geregeld is. Als je wél in echte of fictieve dienstbetrekking bent (bijvoorbeeld via opting-in), geldt de artiestenregeling niet. Bij punt vijf zie je andere voorbeelden waarbij je optreden niet onder de artiestenregeling valt.   

2. Ook bij zakelijke optredens 

De regeling kan spelen bij optredens voor publiek, maar ook bij zakelijke boekingen. Opdrachtgevers zijn dan bijvoorbeeld de organisatie van een muziek- of sportevenement, zaalbeheerders, artiestenbureaus of horecaondernemers.  Ook een bedrijf dat een artiest of een gezelschap laat optreden op een personeelsfeest, is een opdrachtgever.

Voorbeeld: Je draait als dj op een bedrijfsjubileum. Er is geen kaartverkoop, maar je treedt op als artiest en krijgt een gage. In dit geval kan de artiestenregeling van toepassing zijn. 

3. Let op de 3-maandengrens 

De handleiding van de Belastingdienst gaat uit van inhuur tot en met drie maanden. Duurt de inhuur langer, dan geldt de artiestenregeling niet en moet de opdrachtgever op een andere manier beoordelen hoe de arbeidsrelatie fiscaal wordt behandeld. Formeel is dit de verantwoordelijkheid van opdrachtgever én opdrachtnemer. Praktisch voor jou: benoem het vroeg als een klus richting die grens gaat, zodat je betaalroute niet op het laatste moment verandert. 

4. Privéboekingen door een privépersoon vallen erbuiten 

Word je door een privépersoon ingehuurd voor een persoonlijke aangelegenheid, zoals een bruiloft, dan valt dat buiten de artiestenregeling. De opdrachtgever is in dat geval ook niet verplicht om een aangifte loonheffingen te doen. Maar let dus op: word jij door een horecaonderneming ingeschakeld om op te treden op een bruiloft, dan geldt dit waarschijnlijk als zakelijk optreden (punt 2).

5. Geen artiestenregeling door contractroute 

In de handleiding van de Belastingdienst staat dat de regeling niet geldt als opdrachtgever en artiest erken met een modelovereenkomst die de artiestenregeling uitsluit, of met een eigen verklaring. Een eigen verklaring is een overeenkomst tussen beide partijen waaruit blijkt dat jullie beide de artiestenregeling willen uitsluiten (artikel 3bis van het Uitvoeringsbesluit LB). In dat geval hoeft de opdrachtgever geen aangifte loonheffingen te doen, maar moet hij wel documenten bewaren (de overeenkomst en identiteitsgegevens).   

 

Wat zegt de Belastingdienst:

‘Werken met een modelovereenkomst’ houdt in dat de feitelijkheden niet anders mogen zijn dan in het model staat. Dan mag je erop vertrouwen dat de Belastingdienst de overeenkomst respecteert en dan (ook) niet concludeert tot het van toepassing zijn van de artiesten- en beroepssportersregeling (absr).

 

 5. Gageverklaring: vaak nodig vóór betaling 

De gageverklaring bij de artiestenregeling in de praktijk vaak de sleutel tot uitbetaling. Ontbreekt hij of is hij onvolledig, dan schuift betaling vaak op. 

 

Wat zegt de Belastingdienst?

Praktisch gezien kan de artiest of het gezelschap zelf het model gageverklaring vooraf downloaden via de Belastingdienst en deze alvast vooraf invullen en ondertekenen. Maar het kan ook zijn dat de opdrachtgever geen gebruikmaakt van het model van de Belastingdienst. In dat geval moet je het model van de opdrachtgever gebruiken. Vraag dus bij akkoord op de klus of de opdrachtgever gebruikmaakt van een eigen gageverklaring. Zo nee, vraag of het handig is dat je zelf de gageverklaring downloadt van belastingdienst.nl en vooraf invult. Zo ja, vraag of je de verklaring vooraf kunt ontvangen om alvast in te vullen. En bewaar altijd een kopie. 

 

6. Nieuwe gageverklaring bij wijzigingen 

Moet je de gageverklaring opnieuw invullen bij hetzelfde of een volgend optreden? Alleen als er iets wijzigt. De handleiding van de Belastingdienst noemt situaties waarin een nieuwe gageverklaring nodig is: bijvoorbeeld bij een hogere gage of bij een nieuwe samenstelling van het gezelschap. Als er niks wijzigt kun je bij een volgend optreden dezelfde verklaring gebruiken.

7. Wanneer moet je btw rekenen?

Voor veel zzp’ers het meest verwarrend: als je onder de artiestenregeling valt, moet je dan btw rekenen? De Belastingdienst zegt hierover: ‘Btw mag achterwege blijven onder voorwaarden, de artiest heeft dan namelijk geen recht op aftrek van voorbelasting. Als de artiest óók buiten de artiestenregeling optreedt en dan btw in rekening brengt, moet hij ook btw in rekening brengen als hij optreedt onder de artiestenregeling.’ (Hier lees je wat de Wet erover zegt) 

8. Gezelschap: verdeling vooraf regelen 

Werk je met meerdere makers op één klus, dan is de verdeling belangrijk. Bij een gezelschap spreek je vaak één totaalbedrag af, maar de opdrachtgever moet voor ieder lid dat in Nederland woont apart kunnen berekenen en administreren. Spreek vooraf af wie de verdeling aanlevert (zakelijk leider, boeker of één aangewezen persoon) en houd de verdeling actueel bij wijzigingen in het gezelschap of de onderlinge verdeling. Dat voorkomt discussie achteraf en kan betaling versnellen. 

9. Kleinevergoedingsregeling en bewijs bewaren 

De kleinevergoedingsregeling (KVR) is een standaard aftrek die de opdrachtgever in de artiestenregeling mag gebruiken bij het berekenen van de inhouding – het bedrag wat van jouw vergoeding wordt ingehouden en aan de belastingdienst moet worden overgemaakt. Het ‘fictieve kostenbedrag’ in de handleiding van de Belastingdienst is 163 euro per persoon per optreden, maar lager kan ook. De opdrachtgever mag dit overigens alleen gebruiken als jij dit zelf aangeeft in de gageverklaring.  

Een veel voorkomend misverstand is dat de KVR een belastingvrij bedrag is. Dat klopt niet. Het is een ‘kostenforfait’: een bedrag dat de Belastingdienst automatisch van je inkomsten aftrekt, omdat jij kosten hebt gemaakt om dat geld te verdienen. Je hoeft niet te bewijzen dat je dat die kosten daadwerkelijk hebt uitgegeven.  

 

De Belastingdienst gaf ons een voorbeeld mee: 

Stel, er is sprake van een brutogage van € 400. Jij (de artiest) geeft in de gageverklaring aan dat de KVR mag worden toegepast. De opdrachtgever berekent loonheffingen over € 400 - € 163 = €237. Het kostenforfait geldt voor de toepassing van de loonheffingen op de uitbetaling (de inhouding en de premies voor werknemersverzekeringen).  

In de aangifte loonheffingen, die de opdrachtgever vervolgens aan de Belastingdienst stuurt, en ook op de jaaropgaaf die jij als artiest krijgt, staat een gage van € 400. Als je de aangifte inkomstenbelasting doet, telt die € 400 als inkomen. De KVR geldt dus niet in de inkomstenbelasting. In de inkomstenbelasting mag je de werkelijke kosten aftrekken. 

 

Met KVR berekent de opdrachtgever dus loonheffing over een lager bedrag, wat je netto-inkomen kan verhogen. Let op: na afloop wil je bewijs van wat er is uitbetaald en ingehouden voor je eigen administratie en aangifte inkomstenbelasting. Vraag daarom om de jaaropgaaf bij de opdrachtgever. Heb je meerdere opdrachtgevers die inhouden, verzamel die jaaropgaven en bewaar ze bij elkaar. 

 

Checklist voor jouw volgende klus 

  1. Wat spreek je af over betaling, is er een (model)overeenkomst, eigen verklaring, of als dit niet het geval is: wordt er gebruik gemaakt van de artiestenregeling?

  2. In het geval van de artiestenregeling: check bij de opdrachtgever wat voor model gageverklaring gebruikt wordt. Heeft hij een eigen model of is het handig dat jij het model van de Belastingdienst alvast invult?

  3. Ga voor jezelf na of je btw rekent voor deze gage.

  4. Ga voor jezelf na of je KVR wilt toepassen, en zo ja voor welk bedrag. 

  5. Werk je met een gezelschap? Zet alle artiesten op de gageverklaring en geef ook een verdeling aan.  

  6. Vraag wanneer de opdrachtgever de jaaropgaaf verstuurt, dit kan direct na het optreden of na afloop van het jaar.  

  7. Bewaar de jaaropgaaf voor je eigen administratie.  

 

Kom je er na dit artikel nog niet helemaal uit, of loop je vaker tegen fiscale vragen aan? Je staat daarin niet alleen. Een beroepsorganisatie, vakvereniging of vakbond kan je vaak helpen met praktische tips en ondersteuning. Wil je weten waar je terechtkunt? Check DeAansluitwijzer.nl en vind binnen twee minuten waar jij je kunt aansluiten. 

 
 

 
Volgende
Volgende

Drie opdrachten aan kabinet Jetten: van ambitie naar een stevige basis mét makers aan tafel